Therapie bij onveilige hechting in Zaandam

Hoe gemakkelijk vind jij het om je aan iemand te hechten? Kun je iemand dichtbij laten komen en erop vertrouwen dat de ander er voor je is? Of merk je dat nabijheid, afstand of de angst om iemand kwijt te raken veel met je doet?

 

De manier waarop je je als kind hebt kunnen hechten kan invloed hebben op hoe je later relaties aangaat.

 

In mijn praktijk in Zaandam begeleid ik mensen die merken dat patronen rond hechting, vertrouwen en verbinding hen in hun huidige leven of relaties belemmeren.

 

Wat is hechting?

Als kind ben je voor veiligheid en verzorging afhankelijk van de mensen om je heen.

 

Wanneer je ouders of verzorgers beschikbaar zijn en op een passende manier reageren op wat je nodig hebt, kan er een veilige hechting ontstaan. Je leert dat je op anderen kunt vertrouwen en dat je bij hen terechtkunt wanneer je steun nodig hebt.

 

Wanneer die veiligheid of beschikbaarheid er onvoldoende of niet voorspelbaar is, kan een kind andere manieren ontwikkelen om met nabijheid en verbinding om te gaan.

 

Die patronen kunnen ook later in je leven nog een rol spelen.

 

Veilig of onveilig gehecht

Bij een veilige hechting kun je zowel verbinding met een ander aangaan als jezelf blijven.

 

Je kunt nabijheid toelaten, maar ook zelfstandig zijn.

 

Bij een onveilige hechting kan dat ingewikkelder zijn. Je kunt bijvoorbeeld sterk gericht zijn op de ander en bang zijn om de verbinding kwijt te raken. Of je houdt juist afstand en vindt het moeilijk om iemand werkelijk dichtbij te laten komen.

 

Soms wisselen het verlangen naar nabijheid en de behoefte om afstand te houden elkaar af.

 

Hoe merk je onveilige hechting?

Patronen rond onveilige hechting kunnen op verschillende manieren zichtbaar worden.

 

Je kunt bijvoorbeeld merken dat je:

 

  • last hebt van verlatingsangst;
  • last hebt van bindingsangst;
  • bang bent om verlaten of afgewezen te worden;
  • veel bevestiging nodig hebt van een ander;
  • onzeker wordt wanneer iemand afstand neemt;
  • het moeilijk vindt om iemand volledig te vertrouwen;
  • jezelf sterk aanpast binnen een relatie;
  • moeite hebt om je kwetsbaar op te stellen;
  • juist afstand houdt wanneer iemand dichtbij komt;
  • het lastig vindt om je behoeften uit te spreken;
  • steeds opnieuw tegen vergelijkbare patronen in relaties aanloopt.

 

Niet iedereen met een onveilige hechting reageert dus op dezelfde manier.

 

Verlatingsangst en angstige hechting

Wanneer je angstig gehecht bent, kun je sterk verlangen naar verbinding en tegelijkertijd bang zijn om die verbinding kwijt te raken.

 

Verlatingsangst kan zich bijvoorbeeld uiten in een sterke angst om afgewezen of verlaten te worden. Je kunt veel bezig zijn met wat de ander voelt of denkt en gevoelig reageren wanneer iemand minder aandacht geeft of afstand lijkt te nemen.

 

Bevestiging van de ander kan dan belangrijk worden om jezelf gerust te stellen.

 

Daarbij bestaat het risico dat je steeds meer op de ander gericht raakt en minder goed voelt wat je zelf nodig hebt.

 

Bindingsangst en afstand houden

Een andere reactie is juist afstand houden.

 

Bij bindingsangst kan het moeilijk zijn om iemand werkelijk dichtbij te laten komen of jezelf volledig aan een relatie te verbinden.

 

Je kunt hebben geleerd om vooral op jezelf te vertrouwen en je eigen gevoelens of behoeften niet gemakkelijk met anderen te delen.

 

Wanneer iemand emotioneel dichtbij komt, kan dat ongemakkelijk voelen. Je kunt jezelf terugtrekken, gevoelens liever alleen verwerken of het moeilijk vinden om hulp en steun van een ander toe te laten.

 

Dat betekent niet dat je geen behoefte hebt aan verbinding. De manier waarop je met die behoefte omgaat kan alleen anders zijn.

 

Patronen uit je jeugd in je huidige relaties

Patronen die vroeger zijn ontstaan kunnen zo vanzelfsprekend zijn geworden dat je ze pas opmerkt wanneer je in relaties steeds opnieuw tegen hetzelfde aanloopt.

 

Misschien kies je telkens voor mensen die moeilijk beschikbaar zijn. Misschien raak je snel bang wanneer iemand afstand neemt. Of je merkt juist dat jij degene bent die zich terugtrekt zodra een relatie intiemer wordt.

 

Je huidige reacties kunnen samenhangen met wat je eerder hebt geleerd over veiligheid, vertrouwen en verbinding.

 

Door die patronen beter te leren herkennen, kun je ook gaan onderzoeken wat je nu anders nodig hebt.

 

Onveilige hechting en codependency

Hechtingspatronen kunnen samengaan met gedrag waarbij je sterk op de ander gericht bent.

 

Je kunt bijvoorbeeld veel bevestiging zoeken, bang zijn iemand teleur te stellen of jezelf aanpassen om de verbinding niet kwijt te raken.

 

Wanneer het zorgen voor en aanpassen aan anderen zo sterk wordt dat je je eigen gevoelens, grenzen en behoeften uit het oog verliest, kunnen ook patronen van codependency een rol spelen.

 

Daarbij kijken we niet alleen naar je relatie met anderen, maar ook naar de relatie die je met jezelf hebt.

 

Werken aan oude patronen

In therapie onderzoeken we welke patronen jij hebt ontwikkeld en waar deze vandaan kunnen komen.

 

Het gaat niet alleen om begrijpen waarom je doet wat je doet. Het is ook belangrijk om aandacht te hebben voor wat je voelt en ervaart.

 

Als psychosociaal therapeut kan ik verschillende methoden inzetten. Ik werk onder andere met hypnotherapie en Focusing om aandacht te geven aan onderliggende gevoelens, overtuigingen en automatische patronen.

 

Wanneer bepaalde ervaringen uit het verleden nog veel emotionele lading hebben, kan ook EMDR passend zijn.

 

Welke aanpak we gebruiken hangt af van jouw persoonlijke situatie.

 

Therapie bij onveilige hechting in Zaandam

Mijn praktijk is gevestigd in Zaandam en is goed bereikbaar voor cliënten uit de gemeente Zaanstad.

 

Merk je dat verlatingsangst, bindingsangst, moeite met vertrouwen, afstand houden of andere hechtingspatronen steeds opnieuw invloed hebben op je relaties? Dan kunnen we samen onderzoeken waar deze patronen vandaan komen en wat jij nodig hebt om er anders mee om te leren gaan.

 

Neem dan gerust contact met mij op.

 

Inge Klitsie

Psychosociaal therapeut en hypnotherapeut